Bloedglucoseniveaus verschillen sterk tussen individuen. Hoe hoog, of laag deze waarde is, wordt bepaald door meerdere factoren, zoals:

  • Leeftijd
  • Geslacht
  • DNA
  • Dieet / voeding
  • Sport


Standaard bloedsuikerniveaus bevinden zich tussen de 3.9 mmol/L en 5.5 mmol/L. We hebben het dan over het niveau, in een staat van vasten (na het wakker worden, zonder te hebben gegeten of gedronken). Op basis van bovenstaande factoren, kan het zijn dat dit niveau anders is (je bloedsuikerspiegel kan bijvoorbeeld lager zijn dan 3.9 mmol/L zonder problemen - zie ook dit artikel).

Na een maaltijd, blijft een gezond bloedsuikerniveau onder de 7.2 mmol/L. Dit kan uiteraard iets verschillen, op basis van eerder genoemde factoren. In het geval van teveel pieken, is er een grotere kans op gezondheidsproblemen zoals overgewicht, ontstekingen, obesitas en diabetes type 2. Af en toe een kleine piek in bloedsuiker hoeft geen probleem te zijn, je wilt echter deze momenten terugdringen. Bijvoorbeeld: piek je na het eten van een koekje of snoepje, en eet je dit af en toe, of dagelijks? Dat maakt veel uit.


Behalve de hoogte, is het van belang hoe snel je bloedsuikerspiegel stijgt (hoe stijl is de lijn). Hoe stijler de lijn omhoog en omlaag, hoe groter de kans je vermoeid te voelen (after dinner dip).